Fergana vallei: zijderupsen en marktwaar
verslag begonnen op vrijdag 6 september —
Inmiddels zijn we weer enkele honderden kilometers opgeschoven naar het oosten, en bevinden we ons in Kokand, het belangrijkste knooppunt in de Fergana vallei, en opnieuw een belangrijke plaats op de zijderoute. Bovendien was het de hoofdstad van het kanaat (geen typo!) Kokand, dat tot halverwege 19e eeuw een zelfstandige vorstendom vormde in delen van wat nu Oezbekistan, Tadzjikistan en Kirgizië zijn. Daarna is het onder Russische heerschappij terecht gekomen, en later tussen diverse sovjet staten verdeeld. Dit is ook goed te zien aan de huidige landen, overal grillige grenzen en volkomen onbegrijpelijke enclaves. Tot zover een hele snelle geschiedenis van deze regio, mede met dank aan de ober die weliswaar geen bier mocht schenken (dat is schrikken als je na een lange dag in de hoteltuin landt) maar wel een korte geschiedenisles gaf.
De Fergana vallei is heel anders dan wat we verder van Oezbekistan gezien hebben, het ligt wat hoger en tussen twee bergketens in, waardoor het minder droog en dus vruchtbaarder is. We hebben dan ook veel landbouw gezien onderweg (katoen, watermeloenen, mais), en de rit was gelukkig duidelijk minder saai, en erg voorspoedig. We waren dus mooi op tijd om het paleis van de Khan nog te bezichtigen, en anders dan in Buchara en Samarkand, was het er erg rustig en konden we op ons gemak rondkijken.
Vrijdag begon ook weer met gedoe (zie verderop) maar het bezoek aan de zijdefabriek in Margilon was zeer geslaagd. Het volledige proces, vanaf de cocons van de zijderups tot aan het weven van enorme tapijt, vond ter plekke plaats, zowel handmatig volgens de al eeuwenoude manier als mechanisch. Eindresultaat was uiteraard in de winkel te bewonderen, en zulke lichtgewicht souvenirs kun je natuurlijk niet laten liggen 🙂


Met nog een week te gaan is het nu de bedoeling om via wat kleinere plaatsen in de Fergana vallei naar Jalal-abad in West-Kirgizië te rijden (hopelijk met nu een wat soepeler grens) en dan in een paar dagen terug naar Bishkek . De precieze route hangt nog even af van de tijd die we kwijt zijn aan de grensovergang (schade en schande en zo 😉 ) maar hopelijk hebben we nog wat tijd om onderweg het een en ander te bekijken.
— zaterdag 7 september —
Vandaag was ook weer behoorlijk enerverend, met het vervolg van het eerdere gedoe. Het begon dus al op vrijdag met een auto die erg slecht wilde starten, en op drie (of zelfs maar twee) cilinders liep regelmatig. Goede reden om met de verhuurder te overleggen, die aan de accu dacht. Dus een garage gezocht en dat is al ingewikkeld genoeg want de google maps hits op car repair shop kunnen ook zomaar leiden naar een autostofzuigbedrijf of een raamfoliebekleder, weten we nu uit ervaring. Maar goed, zo maar langs de weg was een hole in the wal / floor garage met een jongeman die in ieder geval wilde helpen. Hij was er niet van overtuigd dat het aan de accu lag, maar wilde naar de brandstofpomp gaan kijken. Dat zagen we niet helemaal zitten, dus verder zoeken. Na nog diverse interessante versies van car repair shops te hebben gezien, besloten om maar terug te gaan naar het hotel en zaterdag verder te zien en bovendien hulplijn naar zwager Roland in te schakelen die ook aan brandstofproblemen dacht. Toen op zaterdag de auto wel wilde starten maar slecht bleef lopen, leek dat het meest voor de hand te liggen. Dus op naar een nieuwe garage optie, die zowaar aan de lokale autoboulevard bleek te liggen. Na daar ook diverse ‘mannetjes’ te hebben geraadpleegd (met dank aan google translate en handen en voeten werk), die ons steeds vriendelijk doorverwezen naar een collega die wsl wel kon helpen, kwamen we uit bij Auto Diagnostika, die de Toyota kon uitlezen. Zijn conclusie ‘niets aan de hand, wsl slechte benzine getankt, rijden maar’. Nu staat Oezbekistan bekend om slechte benzine (vrijwel alle auto’s rijden op Methaan, benzine is moeilijk te krijgen, dat was ook al een onaangename verrassing geweest) en de verhuurder vond het bij nader inzien ook logisch (weinig behulpzaam). Verder rijden was okay, dus dat hebben we maar gedaan en als de auto na wat pogingen op 4 cilinders loopt, brandt er een hele kermis aan controlelampjes. maar gaat het verder prima. En idd, de rest van de dag ging het goed, so fingers crossed voor de rest van de rit naar Bishkek.

Bij aankomst in Fargona (laatste stop in Oezbekistan) was het hotel ook niet helemaal als verwacht, of eigenlijk gehoopt want de foto’s op Booking waren fantastisch. Sort of Soviet-chique met brutalist style kamers, steriel wit en goedkope spaanplaat meubels. We hadden dit uitgezocht omdat 1) het redelijk dicht bij de grens ligt 2) er een fantastische markt is morgen 3) en het een van de beste opties in de omgeving is. En eerlijk gezegd, we kunnen er wel tegen na echt heel goede hotels de afgelopen weken. De lunch in het lokale hipster cafe was ook erg goed, en we hebben zin in de markt morgen!
— zondag 8 september —
en die markt was fantastisch! Giga groot, alles wat je kunt bedenken viel te krijgen, van tien kilo groene thee via verse noten, hoofdstellen en mooi uitgebeende stukken vlees tot trouwjurken. We konden rustig rondkijken, foto’s en praatjes maken, heerlijke ochtend. Nu terug in het hipster café voor een prima cappucino en chocoladetaart, we nemen het ervan. Morgen dus terug naar Kirgizië, de reviews van de grenspost op iOverlander geven goede moed.



Verdere impressies
Werkpaard of luxepaard?
Voor de paardenbevolking van deze regio geldt absoluut dat het werkpaarden zijn, maar wij hebben niet te klagen over het comfort tijdens deze reis. Overal zijn prima hotels te vinden, in de grotere steden ook vrijwel altijd met spa, zwembad, restaurant en grote kamers voor schappelijke prijzen. Best wel lekker want de reisdagen kosten behoorlijk wat energie. En als het dan zoals vandaag niet helemaal is als verwacht, is het nog steeds een goed bed, prima badkamer en met een stukje lopen / rijden ook heerlijk eten.
En ook als liefhebbers van goed eten en drinken hebben we niet te klagen. Het begon in Kirgizië niet heel erg bijzonder; met name het ontbijt in Cholpon-ata, nota bene op mijn verjaardag, was wel heel sober, terwijl we de avond ervoor ook al te laat waren voor het avondeten en dus hebben volstaan met wat noodles en een stuk chocolade. Gelukkig hebben we het ’s avonds goed gemaakt, met een prima maaltijd hoog in de bergen, vergezeld door een verrassend goede Kirgizische wijn. Sowieso hebben we verrassend goede lokale wijnen gedronken, waarbij met name een Riesling in Buchara echt bijzonder was. Het eten onderweg is wel vaak hetzelfde, met plov (soort pilav), shaslik, manti en dumplings als de favoriete lokale gerechten, en vooral in Kazakhstan ook paardenvlees in allerlei variaties. De laatste week hebben we ook veel Europese gerechten op de kaart gezien, waaronder filet minions, pizza en allerlei varianten pasta, salade nicoise (met seared tuna, super!), en zelfs een brede keuze sushi. Gezien de enorme afstand naar de kust (Oezbekistan is double-landlocked!) hebben we die toch over geslagen.




De prijs voor het beste hoofdgerecht gaat naar de chalop in Samarkand (soep uitvoering van tzatziki) en star of de show is toch wel steeds het ontbijtbuffet. Veel keus, prachtig fruit, pannenkoekjes met zure room en jam, allerlei verse noten (die ook soms op de kamer liggen als welkom), echt genieten.
En ook de sfeer in de restaurants is leuk. Heel veel lokale gezelschappen, vaak voor een feestje, of gewoon een kop thee en gebak, na een rondje shoppen met vriendinnen. Alleen de muzak is voor (veel) verbetering vatbaar, slechte covers en dan veel te hard, niet echt een pretje.